Lid van ANBI
Lid van ANBI

Interview Hannie Olthuis

Onze voorzitter Hannie Olthuis van het Ontmoetingshuis Ermelo is geïnterviewd door de gemeente Ermelo voor een info-bulletin van Meerinzicht ( Meerinzicht is de samenwerking van de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde).

Dit interview geeft een mooi beeld van de waarde van ons Ontmoetingshuis voor onze gasten.

Wij wensen u veel leesplezier!

‘Ze vinden hier rust en herkenning’

Iedere donderdag klinkt er geroezemoes in Het Ontmoetingshuis aan de Stationsstraat in Ermelo. Mensen met beginnende dementie drinken samen koffie, luisteren naar een spreker en genieten van een gezamenlijke lunch. Het initiatief komt van Hannie Olthuis (65), praktijkverpleegkundige ouderenzorg, die zag dat veel ouderen tussen wal en schip vielen: te vitaal voor de dagbesteding, maar wel met behoefte aan structuur en contact.

Met een hechte groep vrijwilligers bouwde Olthuis een warme plek waar ontmoeting centraal staat en waar partners thuis even op adem kunnen komen. De belangstelling is zó groot dat Olthuis uitkijkt naar uitbreiding, om nog meer Ermeloërs een passende plek te bieden. ‘Ik noem het bewust geen dagbesteding’, vertelt ze. ‘Mensen denken dan dat ze worden weggestopt, dat er iets met ze mis is. Terwijl het hier juist gaat om wie ze nog zijn, niet om wat ze verliezen.’

Olthuis werkte jarenlang als praktijkverpleegkundige ouderenzorg bij huisartsen in Ermelo. Ze kende de gezichten, de thuissituaties, de stille zorgen van partners. En ze zag het steeds weer gebeuren: mensen met beginnende dementie die nog midden in het leven stonden, maar nergens echt pasten. ‘De gewone dagbesteding was te vrijblijvend of te knutselachtig, terwijl zij behoefte hadden aan gesprek, structuur, inhoud. Er moest iets komen wat daar beter bij aansloot.’

Dat werd Het Ontmoetingshuis Ermelo. Ze vond een ondernemer die ruimte en vervoer wilde regelen, verzamelde een kleine groep vriendinnen als vrijwilligers en ging van start. ‘We zijn begonnen met een groep van tien gasten. Eén ochtend in de week. Koffie, een spreker, samen lunchen. En vanaf de eerste dag zag ik wat het deed. Mensen bloeiden op, partners kregen weer lucht. Het werkte.’

Even bijpraten

De groep telt nu gemiddeld twaalf deelnemers en iedereen komt uit Ermelo. ‘Om tien uur is iedereen er. We beginnen met koffie en even bijpraten. Daarna komt de spreker. Dat is elke week iemand anders: een imker, een oud-politieagent, een boswachter, iemand die over kunst vertelt. Na afloop praten we erover door. Dan hoor je zoveel mooie dingen. Herinneringen, grapjes, kleine stukjes herkenning.’

De lunch is minstens zo belangrijk. De ene week verzorgen Ermelose ondernemers een maaltijd, de andere week doen vrijwilligers dat zelf. ‘Het gaat om het samenzijn. Ze voelen zich veilig, gekend. Dat hoor ik steeds terug: Ik mag hier gewoon zijn zoals ik ben. En dat is precies de bedoeling.’ Ook voor de partners betekent het veel. ‘Er was een vrouw die zei: Mijn donderdag is terug. Ze kon eindelijk weer lunchen met vriendinnen, naar de markt, even ademen. Het is niet alleen de deelnemer die profiteert, het hele gezin leeft op.’

Meerdere dagen

Er is inmiddels een wachtlijst met tien mensen die graag willen aansluiten. Maar er is bijna geen doorstroom, omdat mensen zo graag blijven. ‘En ik begrijp dat volledig. Ze vinden hier rust en herkenning. Daarom willen we uitbreiden met een tweede dag en een tweede groep en op termijn zelfs meerdere dagen per week.’ De ruimte is er al, vertelt ze. De ambitie is om door te groeien zonder de eigen identiteit te verliezen.

Daarnaast organiseert de stichting eens per maand een eetproject voor alleenstaande ouderen. ‘Twee hobbykoks koken een viergangenmenu. Mooie tafels, kaarslicht, kleine groep. Het is zó eenvoudig en tegelijk zó betekenisvol. Er ontstaan gesprekken, mensen herkennen elkaar van vroeger, soms uit onverwachte hoek. En daar draait het om: ontmoeting.’

Het Ontmoetingshuis telt nu zeventien vrijwilligers. Van chauffeurs en gastvrouwen tot organisatoren. De meesten zijn 65-plus, vaak zelf met een zorgachtergrond. ‘Het zijn stuk voor stuk betrokken mensen. Ze doen dit niet omdat ze tijd over hebben, maar omdat ze geloven in wat we hier doen. Toch is verjonging belangrijk. Nieuwe energie, nieuwe ideeën. Want als je wilt uitbreiden, moet de basis stevig zijn.’

Die basis is er, met een bestuur, vrijwilligersbeleid en een ANBI-status. Wel is de stichting nu nog afhankelijk van losse donaties, maar dat gaat op termijn veranderen, hoopt Olthuis. Ze blijft sowieso actief, vertelt ze enthousiast: ‘Ik ben nu 65 en bouw mijn werk langzaam af, maar ik kan dit niet loslaten. Als je ziet wat er gebeurt op zo’n donderdag, kun je niet doen alsof het er niet toe doet. Dit is wat zorg menselijk maakt.’

Scroll naar boven